zaterdag, mei 09, 2009

 

Van niets naar nergens 14







Helaas werd het fotorolletje van Uw Reiziger - waar plaatjes van deze reis op waren vastgelegd - verpoerd. Gelukkig is met wat googlen iets terug te vinden over de omgeving.
Van boven naar beneden
Ene Elise heeft een Picasa verzameling met meerdere sfeervolle plaatjes van Zumbo en omgeving zie
http://picasaweb.google.com/elisekenter/PhotosAngoniaAndZumbo# ; Bedrijvigheid langs het water bij Zumbo. Je kijkt hier stroomopwaarts richting Zambia;
Kinderen in Zumbo, een plaatje dat in veel Afrikaanse dorpen geschoten zou kunnen zijn;
Foto van Antonio Klaus op Flickr (in een serie met meer mooie plaatjes van Mozambiek):
http://www.flickr.com/photos/87989453@N00/2048345850/ , gezicht op Zumbo vanaf de Zambezi;
en nog een gezicht op Zumbo (in ochtendstemming) van Antonio Klaus:
http://www.flickr.com/photos/87989453@N00/2248464334/in/photostream/ .
Plaatje van
http://jettezambia.dk/. Het punt waar de Luangwa (links) in de Zambezi (rechts) stroomt. Een fraai panorama genomen vanaf Luangwa (Zambia) en kijkend naar Mozambiek waar Zumbo aan de linkerkant van de Zambezi ligt en rechterkant de lodge van de vriendin.
(klik op de plaatjes voor een vergroting)


Het immigratiekantoortje van Zumbo was een oud Portugees gebouwtje met elegante gaanderijen en fraai bewerkte, houten, rood geverfde pilaartjes. De decoratief gebouwde muren waren geel en wit geschilderd. Één van de laatste historische, koloniale gebouwen in dit oude stadje. We hadden voldoende tijd om het kantoortje van de buitenkant te bewonderen want de vriendin bleef geruime tijd binnen.
De Canadozwitserse boer zat geërgerd voor zich uit te kijken.
- Dat gaat ons geld kosten, mokte hij.
Zijn vrouw keek mij een beetje hulpeloos aan.
- Dat denk ik ook, zei ik. Het hangt er even vanaf hoeveel.
- Maakt niet uit hoeveel, van mij krijgen die bedelaars niks!
- Kom, zei de Cz. boerin, laten we even afwachten wat ze besproken heeft met de immigratie.
- Besproken heeft? vloog de boer op. Er is met óns afgesproken dat het niets zou kosten. En daar houd ik haar aan!
- Rustig nou, suste de boerin. Laten we het haar en onszelf niet te moeilijk maken. Het is bloedheet hier en we hebben slecht geslapen, maar daar kan zij niets aan doen.
- Dat is het probleem, zuchtte de boer, ze kunnen er steeds niks aan doen, die bedelaars!
De studentjes vermaakten zich ondertussen met het kijken naar de bomen, de struikerij en met de kinderen die ook bij dit kantoor graag op de foto wilden. Het door de bomen gezeefde zonlicht maakte alles kleur- en contrastrijk. Ondanks de hitte - een thermometer aan de muur wees 40 graden Celsius aan - zorgden de kinderen voor veel vertier.
Na lange zweterige minuten kwam de vriendin uit het kantoortje. De studentjes kwamen er ook bij. Ze sloeg de ogen neer en zei dat het vijf dollar per persoon ging kosten. Maar het zou toch gratis zijn? opperden de studentjes argeloos. De boer stond op ontploffen maar zijn vrouw was hem voor. Laten we nou maar betalen, ik wil hier nog op de markt kijken en jij moet ook nog boodschappen doen, zei ze knikkend naar de vriendin.
Wij gaven de dollars aan de vriendin en zij verdween er opgelucht mee in het kantoortje.
- Één corrupte bende, mopperde de boer na. Zelf zal ze er wel de helft van in haar zak steken.
- Nah und, zei zijn vrouw, ze doet alle moeite voor ons en ze zal ook wel niet rijk zijn.
- Het zijn allemaal corrupte bedelaars, mokte de boer verder.
- Vergeet niet dat wíj hier in overtreding zijn, deed ik er nog een schepje bovenop. We liegen over onze nationaliteit en zijn hier in feite illegaal.
- Ze verdienen niet beter! Moeten ze maar niet zo corrupt zijn.
- En als Afrikaanse toeristen nu eens het zelfde zeiden tegen de Zwitserse of Canadese overheid? Hoe zou je dát vinden?
- Dat is anders! vloog de boer op.
De boerin suste het geschil terwijl de vriendin weer naar buiten kwam.
Het voormalige kantoor van de slavenhandel bleek een stuk minder elegant. Een blokkig gebouw, gelig geverfd. Slavenhandel vereist slechts zakelijkheid. De enige troost in de buurt was een grote schaduwrijke vijgenboom. Onder leiding van de vriendin liepen wij het gebouwtje even binnen. Zij hoopte er een kantoortje te openen voor haar lodge, het gebouwtje had sowieso een toeristenbestemming. Van slavenhandel naar toeristenhandel, van goed betaalde cynische hebzucht naar minder betaalde gastvrijheid, het gebouwtje bood er in ieder geval enige schaduw en koelte toe.
Op de open plek achter het gebouw werden de slaven vroeger daadwerkelijk verkocht. Er waren nog wat blokken te zien waarop gezeten kon worden. Verder was er niets, geen boom of struik, alleen maar die blokken en geel verdord gras. De hitte van het moment was die van God en Allah tegelijk, speciaal om slaven in te braden en om toeristen als wij te doen verdrijven naar schaduwrijkere plekken. Niettemin maakte de plaats diepe indruk op de studentjes. Vooral D. stelde veel vragen aan de vriendin over de slavenhandel. Het was voor hem moeilijk te verkroppen dat dit soort dingen gebeurd waren op deze plek waar wij nu liepen. De vriendin antwoordde geduldig en minzaam terwijl wij naar de markt toe wandelden.
De markt was weliswaar klein maar ook schaduw- en kleurrijk zoals het een Afrikaanse markt betaamt. De vriendin kocht er dikke tomaten, rode pepers en kool. Ik stelde voor dat we zelf ook wat extra proviand in zouden slaan, het kostte weinig, het was vers en het zag er goed uit. Er waren enige Zwitserse bedenkingen tegen, immers, we hadden nog proviand: brood, rijst, macaroni, blikjes en uien. Precies! was mijn reactie, maar we hadden geen zoete aardappelen, geen verse kool, geen tomaten en geen vlees, behalve gehakt in blik. En willen jullie morgen geen eieren bij het ontbijt?
De zoete aardappelen, tja ach, aardappelen smaken wel, maar zoet? Je gaat het lekker vinden, verzekerde ik en gaf een knipoog aan de vriendin die onmiddellijk aan het onderhandelen sloeg voor een maal zoete aardappels voor vijf personen. Aan één kool hadden we genoeg. Wie een kool op een Afrikaanse markt ziet, gelooft onmiddellijk dat de kinderen uit kolen geboren worden. Sterker, ze zijn groot genoeg voor volgroeide drielingen. De vriendin en ik hadden er schik in bij de stalletjes de beste te zoeken. Zij zelf kwam hier natuurlijk vaker boodschappen doen. En zo kochten we een flinke voorraad in. Mijn voorstel om kip te kopen, kon echter bij de boeren noch bij de studentjes genade vinden. Want zo’n kip moest geslacht worden en zoiets doe je niet wanneer je biologie studeert of boer bent. Ja ze hielden wel van kip, maar dan toch liever van het ingevroren type. Dat was ook betrouwbaarder want je wist maar nooit wat die Afrikaanse kippen onder de leden hadden, voegde de boer eraan toe. De vriendin zag mijn teleurstelling. Mijn kok kan een heerlijke chicken curry voor jullie maken, probeerde ze nog en ze glimlachte verleidelijk. Maar nee, het lukte niet.
We droegen ieder een zak met proviand.
- Je hebt veel te veel gekocht en waarschijnlijk ook veel te veel betaald, mopperde de boer.
- Ach wat, op vers eten slaap je beter, zei ik. Ik was niet van plan me die dag nog uit het veld te laten slaan.
Onder veel bekijks van een grote kinderschaar bereikten we de roeiboot weer. Onze twee roeiers, de één nog steeds in rood de ander nog steeds bloot, namen de zakken van ons aan en hielpen ons in de boot. Studentje P. moest nog even geroepen worden want die was weer druk bezig foto’s te maken van de kinderen, toen hij de handen daarvoor vrij had.
En zo in die boot op de terugweg, terwijl de roeiers ritmisch pagaaiden, praatte ik over niets bijzonders met de vriendin die nu meer op haar gemak was, keek naar de zwaaiende kinderen en de lachende volwassenen langs de kant, naar de vissers in hun makoro’s, naar het zilveren wateroppervlak en naar de majestueuze heuvels, in de tot niets verplichtende, lome hitte van het middaguur, en voelde ik me eindeloos bevoorrecht.
BP

Labels:

  • CONTACT
  • Facebook
  • 0 Comments:

    Een reactie plaatsen

    Links to this post:

    Een link maken

    << Home